Categorie: Haakles (Pagina 2 van 2)

10 Dingen die niet mogen ontbreken in je haaktas

Wanneer je regelmatig haakt ontkom je er bijna niet aan: je eigen haaktas of mand. Maar wat mag daar niet in ontbreken? Hieronder vindt je mijn top 10.

Mijn 10 dingen niet niet mogen ontbreken in je haaktas:

  1. Haaknaald
  2. Stopnaald
  3. Schaar
  4. Paperclips
  5. Meetlint
  6. Spelden
  7. Post-its vlaggetjes
  8. Potlood of pen en papier
  9. Garen
  10. Patroon

Haaknaald

In je haaktas kan je natuurlijk niet zonder: een haaknaald. Er zijn vele verschillende soorten haaknaalden te koop en in vele prijsklassen. Mijn voorkeur gaat uit naar haaknaalden met een softgrip. Een softgrip is een handvat van zacht kunststof. Je kan in je haaktas alleen de naald bewaren waarmee je op dat moment aan een project werkt of al je haaknaalden. De keus is aan jou!

Stopnaald

Ieder haakproject eindigt met een los draadje. En wat heb je dan nodig? Juist, een stopnaald.
Ook stopnaalden heb je in veel verschillende soorten en maten. Zelf heb ik een grote stopnaald en een aantal kleinere naalden in mijn haaktas zitten.

Schaar

Ook een schaar mag niet ontbreken. Ook deze komen in veel maten. Zelf ben ik heel blij met mijn mini handwerkschaartje. Het schaartje heeft een vrolijke bloemenprint, maar het belangrijkste is nog wel de scherpte. Tot nu toe heb ik ieder draadje ermee kunnen knippen. Er mag van mij dan ook niets anders mee geknipt worden dan garens.

Paperclips

Paperclips? Ja, paperclips! Ik kan niet zonder paperclips in mijn haaktas.
Ik gebruik paperclips namelijk als stekenmarkeerder. Paperclips zijn hier ideaal voor, want je kan ze zelf iedere vorm geven die je wilt. Daarnaast zijn ze in verschillende kleuren te krijgen, waardoor je meerdere markeerders kan gebruiken in hetzelfde werkstukje.

Meetlint

Een meetlint. Ik kan er echt niet zonder. Een proeflapje meten of een heel kussen. Dit gaat veel makkelijker met een flexibel meetlint dan met een harde liniaal.

Spelden

Spelden ontbreken ook niet in mijn haaktas. Ik gebruik ze om tijdelijk verschillende onderdelen aan elkaar vast te zetten, maar ook om dingen uit te lijnen. Bijvoorbeeld wanneer er in een patroon staat dat de oogjes zoveel steken uit elkaar moeten worden geplaatst. Ik plaats dan eerst een speld voordat ik de oogjes definitief bevestig.

Ook bij het in elkaar zetten van amigurumi of andere knuffels gebruik ik spelden. Door eerst de onderdelen vast te spelden kan je zien of het resultaat wordt zoals je in je hoofd hebt. Het gebeurd mij regelmatig dat ik een arm of been toch een paar toeren hoger of lager vast zet dan wat in het patroon is omschreven. De spelden kan je net iets makkelijker los maken dan een vastgenaaide arm.

Post-it vlaggetjes

Dit heeft lang niet iedere handwerkster in haar haaktas, maar ik kan er echt niet zonder: post-it vlaggetjes. Dit zijn de smalle streepjes die vaak met meerdere kleuren op een kartonnen kaartje zijn bevestigd.

Ik gebruik deze vlaggetjes om aan te geven bij welke toer in het patroon ik ben gebleven. Daarnaast kan je er ook kleine notities op kwijt. Bijvoorbeeld over een aanpassing in het patroon of een idee voor de volgende keer dat je het patroon haakt.

Potlood of pen en papier

Regelmatig maak ik tijdens het haken een paar notities. Het kan zijn welke kleuren en welke haaknaald ik gebruik, maar ook over aanpassingen in het patroon. En natuurlijk niet te vergeten de ideeën voor dit blog!

Daarnaast is een potlood ook erg handig om fiberfill in een smalle opening te proppen.

Garen in je haaktas

Dit mag natuurlijk niet ontbreken in je haaktas: garen! Katoen, acryl, wol of wat dan ook. Er zijn veel verschillende producten waarmee je kan haken. De prijs en kwaliteit is bepalend voor je eindresultaat, maar het mooiste van haken vindt ik dat je zelf je materiaal kan bepalen. Ik schreef over verschillende soorten garens een review, deze vindt je allemaal onder het label materiaal.

Haakpatroon

Sommigen kunnen hier misschien zonder, maar ik niet. In mijn tas zit altijd wel een haakpatroon…. maar meestal meer dan een.

Een haakpatroon kan op papier staan, handgeschreven zijn of geprint, in een boek of digitaal. Het is belangrijk hierbij je eigen voorkeur aan te houden. Ik heb inmiddels over verschillende haakpatronen geschreven. Een van mijn favoriete patronen komt uit dit boekje.

Wat mag er volgens jou niet ontbreken?

Ok. Dit was mijn lijstje voor wat er niet mag ontbreken in je haaktas. Heb jij iets in je tas wat niet mag ontbreken? Laat het weten in de reacties!

Mossteek

De mossteek is een haaksteek geschikt voor projecten die bestaan uit lappen. Bijvoorbeeld een sjaal, deken of kussensloop. Het is een snelle steek die bestaat uit twee basissteken en welke hierdoor zeer geschikt is voor beginnende haaksters.

De naam mossteek

Deze steek wordt vaak mossteek (moss stitch) genoemd. Hij is ook bekend onder de naam linnensteek (linen stitch), granietsteek (granite stitch) en zaadsteek (seed stitch).

Toepassingen van de mossteek

De mossteek vindt ik persoonlijk voornamelijk geschikt voor projecten die uit lappen bestaan. Voorbeelden hiervan zijn sjaals, dekens, kussenhoezen en omslagdoeken. De steek is ook geschikt voor mutsen.

Ik raad de steek af voor projecten die opgevuld moeten worden. Er kunnen gaten in het materiaal ontstaan bij teveel druk. Dit is zeker het geval bij een dikkere draad en grotere haaknaald.

Voor beginners

De mossteek wordt gehaakt door twee verschillende basissteken te combineren. Hij bestaat uit de basissteken vaste en losse. Hierdoor is hij goed geschikt voor beginners.

Een minpunt van deze steek is wel dat er in een lossengat moet worden ingestoken vanaf de achterkant van het werk. Dit kan even wennen zijn. Bij een rechte (normale) mossteek zal dit weinig problemen opleveren. Bij de corner to corner (c2c) variant heb ik zelf af en toe moeite om de juiste steek te vinden.

Corner to corner mossteek

Blauwe lappen gehaakt in de c2c mossteek

De corner to corner (c2c) mossteek is een mooie variant op de reguliere steek. Ik ontdekte deze variant voor het eerst op de pagina van Polly Plum: Every Trick on the Hook. Zij beschreef de C2C Mossteek in het Engels: C2C Moss Stitch.

Effecten met kleur

Deze steek kan in één effen kleur worden gehaakt. Dit levert een project met een subtiel werkje op. Echter wanneer er twee (of meer) kleuren worden gebruikt zijn er vele variaties mogelijk waardoor ieder project een totaal eigen uitstraling krijgt.

Detail van de restjesdeken waarin de effecten van verschillende kleuren zichtbaar zijn. Gehaakt in de mossteek

Deze eigen uitstraling is vooral goed terug te zien in mijn eigen project de restjes deken of wat ik deed met een bak vol restjes. Deze deken haakte ik van allemaal restjes garen van verschillende looplengtes waardoor er veel kleurwisselingen ontstonden. Dit leverde een grote variatie aan patronen op welke ook als opzichzelfstaand patroon gebruikt kunnen worden. In dit artikel heb ik slechts enkele foto’s van mijn deken geplaatst. Voor meer inspiratiefoto’s raad ik aan om even naar het artikel over de restjesdeken te kijken.

Hoe te haken

De mossteek is een eenvoudige steek om te haken. Hij bestaat uit twee basissteken: een vaste en een losse. Het hieronder beschreven patroon is geschikt voor projecten die uit een of meerdere lappen bestaan.

  1. Maak een lossenketting voor de gewenste breedte van je project. Voeg hier twee keerlossen aan toe.
  2. Haak een vaste in de derde losse vanaf de haaknaald. Sla een steek over, haak een losse en haak een vaste in de volgende steek. Herhaal dit tot het einde van je lossenketting.
  3. Haak twee lossen, keer het werk. *Haak een vaste in de eerste lossenopening van de vorige toer, haak een losse.* Herhaal wat tussen de sterrentjes staat. Haak de laatste vaste in de opening van de keerlossen.
  4. Herhaal toer 3 tot de gewenste grootte.

Wat vindt jij van de mossteek, granietsteek, linensteek of zaadsteek? Weet je nog een andere naam voor deze steek? Laat het mij en de andere lezers weten in de reacties. Alvast bedankt!

Studiebolletjes Sinterklaas CAL deel 3

Dit is het laatste deel van de Studiebolletjes Sinterklaas CAL. Deze keer haken we twee delen: een pietenmuts en maken we alles tot een geheel. Tot een geheel? Ja, want deze CAL is een sinterklaas slinger!

Benodigdheden

Ook voor dit deel van de sinterklaasCAL heb ik restjes in alle kleuren gebruikt. Daarnaast gebruikte ik een half bolletje zwart, maar je kan hier iedere kleur naar wens voor gebruiken.

Verder zijn uiteraard een passende haaknaald, een stopnaald en een schaar nodig.

De pietenmuts

De pietenmuts wordt in heen en weergaande toeren gehaakt. Bij iedere toer wordt een keerlosse gehaakt.

Toer 1: 15 losse

Toer 2 – 6: 15 vasten

Wissel van kleur

Toer 7: 4 vasten in de 1e vasten, 13 vasten, 4 vasten in de laatste vaste

Toer 8: 2 vasten in de 1e vaste, 19 vasten, 2 vasten in de laatste vaste

Toer 9-11: vaste in iedere vaste

Toer 12-15: 2 vasten minderen, vaste op alle vasten, 2 vasten minderen aan het einde van de toer

Toer 16: 2 vasten minderen, 5 vasten, 2 vasten minderen (let op: je haakt niet alle steken van de vorige toer)

Toer 17: 2 vasten minderen, 3 vasten, 2 vasten minderen.

Haak rondom de muts een rand van vasten. Pas de kleur aan op het gedeelte waar de rand aan vast komt.

De veer

Haak 10 lossen, laat een lang einde aan weerskanten. Knip vervolgens 18 draadjes van 4 cm. Vouw de draadjes dubbel en knoop ze aan weerskanten van de lossenketting. Raffel de touwtjes zodat de losse draden te zien zijn. Naai de veer met behulp van de lange einden op de pietenmuts. Knip de losse draadjes bij in de vorm van een veer.

De slinger

Ik haakte alle losse sinterklaasfiguren aan elkaar tot een slinger. Het is ook mogelijk om ze aan een lang touw te knopen. Voor het haken gebruikte ik onderstaande patroon.

Toer 1: Haak 50 losse, * bevestig het eerste figuur door een halve vaste op de middelste steek aan de bovenkant, haak 5 vasten terug langs de losse ketting, haak 20 losse, *. Herhaal tussen de ** tot alle figuren zijn bevestigd. Haak vanaf de laatste 5 vasten 45 lossen.

Toer 2: Haak 1 keer losse en keer je slinger. Haak 30 vasten op de losse ketting. Haak 31 losse, keer je werk en haak 30 vasten langs de 30 losse (tot je bij je eerste ketting komt). Haak vasten in iedere losse tot je nog 30 lossen te haken hebt. Haak 31 lossen en haak terug met 30 vasten. Haak 30 vasten tot je bij je beginpunt bent aangekomen. Hecht af.

Je slinger is nu klaar. De gespleten uiteindes maken het mogelijk om de slinger ergers makkelijk aan vast te knopen.


Studiebolletjes SinterklaasCAL deel 2

Vandaag het tweede deel met de Studiebolletjes SinterklaasCAL. Deze keer haken we het symbool van Sinterklaas: Zijn Mijter.

De mijter van Sinterklaas

De mijter van Sinterklaas is een van de symbolen die verwijzen naar de oorsprong van Sinterklaas: de heilig bisschop Nicolaas. Het is een van de belangrijkrijke kenmerken aan sinterklaas voor kinderen. Kijk maar eens wat er gebeurd wanneer je een mijter opzet en langs een groepje kleuters loopt.

Ook voor volwassenen is de mijter herkenbaar. Niet alleen door zijn vorm en het kruis, maar ook door de rode en gele kleur. En dat zijn dan ook de kleuren die we gaan gebruiken in dit deel van de Sinterklaas CAL.

Materiaal voor SinterklaasCAL deel 2

Voor deel 2 van de Sinterklaas CAL is nodig:

  • rood garen
  • geel of goudkleurig garen
  • een passende haaknaald (ik gebruik weer haaknaald 2,5 mm)
  • een stopnaald

Het patroon

Dit patroon bestaat uit twee delen. Het eerste deel is de mijter. Het tweede deel is het kruis op de mijter. Dit tweede deel is optioneel, want er zijn verschillende manieren om de mijter de versieren. Deze staan bij het tweede patroon beschreven.

De Mijter

De mijter wordt gehaakt in rood garen. Ik gebruikte restjes Phil Coton 3 en Scheepjes Catania.

  1. Haak 15 lossen en 1 keerlosse
  2. – 8. Draai het werk en haak 15 vasten op de lossen, haak 1 keerlosse. Herhaal dit patroon voor 7 toeren.
  3. = toer 8: Haak 2 vasten samen, 11 vasten, 2 vasten samen en 1 keerlosse.
  4. = toer 9: Haak een vast op alle steken en 1 keerlosse
  5. Herhaal toer 8 en 9 tot er 3 steken over zijn, hecht af.

Werk de uiteindes weg met de stopnaald.

Decoratie op de mijter

Traditioneel gezien wordt de mijter versierd met een kruis. Het is mogelijk om een kruis te haken en deze op de mijter te naaien, maar er zijn ook andere mogelijkheden. Met een kettingsteek kan je een kruis op de mijter haken. Ook is het mogelijk om een kruis te borduren met bijvoorbeeld kruissteekjes. Op de foto’s laat ik twee verschillende mogelijkheden zien.

Eerdere patronen

Hier vindt je de eerdere patronen van deze SinterklaasCAL.



Studiebolletjes Sinterklaas CAL deel 1

Pakje gehaakt volgens het patroon van de Studiebolletjes Sinterklaas CAL

Vandaag deel 1 van de Sinterklaas CAL. Dit deel zal voor iedereen centraal staan op 5 december. Wat doe dag wordt niets voor niets pakjesavond genoemd. Inderdaad: weer gaan cadeautjes haken!

Benodigdheden

Voor het eerste patroon van de Sinterklaas CAL gebruiken we alle kleuren garen die we willen. Bij cadeautjes denk ik altijd aan vrolijke kleuren, dus dat is dan ook wat ik uit mijn voorraad en restjes heb gebruikt.

Verder gebruikte ik een haaknaald 2,5mm en een stopnaald. Deze haaknaald past bij mijn garen en mijn manier van haken.

Patroon

Basisvorm

Begin met 16 lossen.

  1. Haak 15 vasten, begin in de 2e losse vanaf de naald
  2. Ga verder met 1 losse (keerlosse) en draai het werk. Haak 15 vasten

Herhaal toer 2 tot je 15 toeren hebt.

Haak rondom de rechthoek een rand van vasten. Haak in de hoeken 3 vasten.

Decoratie

5 cadeautjes gehaakt volgens het patroon van de Studiebolletjes Sinterklaas CAL

Kies een contrasterende kleur uit en begin met een schuifknoop om de naald.

  1. In middelste steek van iedere toer haak je met een kettingsteek een rechte lijn over je basisvorm.
  2. Haak 15 lossen en sluit met een halve vaste op de 1e losse. Vul de lossenboog met 15 vasten.
  3. Maak een nieuwe lijn met de kettingsteek in de vasten naast de 1e lijn. Haak 1 losse, 1 halve vaste in de vaste waar de 1e kettingsteek lijn is begonnen, 1 losse, 1 halve vaste in de volgende vaste. Dit is het begin van de 3e lijn.
  4. Herhaal toer 1 en 2. Sluit met een halve vaste op de 1e boog en hecht af.

Het lijkt nu alsof je pakketje een lint met een strik heeft. Eventueel kan je ook een of meerdere horizontale lijnen maken. Werk alle losse draden weg en klaar is je pakje.

Aantallen

Voor deze CAL moet je dit patroon een aantal keer herhalen. Gebruik alle kleurcombinaties die je mooi vindt (en die je restjesvoorraad verkleinen). Zelf haakte ik het patroon 10 keer.

Studiebolletjes SinterklaasCAL

Nog een paar weken en dan komt pakjesboot 11 weer aan in Nederland. Wil je ook de goedheiligman en zijn pieten een warm ontvangst bieden? Doe dan mee met de SinterklaasCAL van studiebolletjes.nl

Wat is een CAL?

CAL staat voor crochet along. Dit is Engels voor meehaken. Bij een CAL wordt een patroon in delen gepubliceerd en kunnen mensen die meehaken hun voortgang en natuurlijk het uiteindelijke haakwerk laten zien.

Wat gaan we maken?

Wat je precies gaat maken bij deze SinterklaasCAL houdt ik nog even geheim. Daarom zie je bij dit bericht ook nog geen foto’s van het uiteindelijk haakwerk. Maar misschien kan je het al wel raden? Laat jouw idee achter in de reacties.

Sinterklaas en twee pieten, foto november 2017 - Studiebolletjes.nl
Sinterklaas en Pieten (foto november 2017)

Benodigdheden

Voor deze SinterklaasCAL heb je nodig:

  • een haaknaald, zelf gebruikte ik 2,5 mm
  • rood en geel garen passend bij je haaknaald (ik gebruikte Phildar Phil Coton 3)
  • heel veel verschillende kleuren garen (ideaal om restjes op te maken)
  • een stopnaald
  • een schaar
  • optioneel: gekleurde veren

Jouw werk showen

Het leukste van een CAL is het zien van alle verschillende resultaten die gemaakt zijn aan de hand van hetzelfde patroon. Ik kijk dan ook uit naar al jullie eindresultaten van de SinterklaasCAL. Op mijn facebookpagina zullen berichten komen waar jullie je foto’s kunnen delen.

Bij een CAL zijn er vaak ook zogenaamde hashtags waardoor je online de CAL snel kan terugvinden. Voor deze CAL kunnen #sinterklaascal en #studiebolletjescal gebruikt worden.

De patronen

Ieder patroon zal in een eigen blogbericht worden gedeeld. Alle delen zullen ook hieronder worden gelinkt.

Veel haakplezier!

groetjes Studiebolletje


Haaksteken – anderstalige afkortingen

Hieronder vindt je een overzicht van alle anderstalige afkortingen die ik in patronen ben tegengekomen. Ik heb geprobeerd ze te koppelen aan de Nederlandse steeknaam.

NederlandsAfkortingEngels (UK)Afkorting
losselchainstitchch
halve vastehvslipstitch single crochetsl.st sc
vastevdouble crochetdc
half stokjehsthalf treblehtr
stokjesttrebletr
dubbel stokjedstdouble trebledtr

Let op: deze lijst is nog in ontwikkeling en wordt regelmatig aangevuld.

Haaksteken – Nederlandse afkortingen

In haakpatronen worden veel verschillende haaksteken gebruikt. Deze steken staan in haakpatronen vaak afgekort geschreven, zodat het patroon minderen lang is. Hieronder vind je een overzicht van alle haaksteken die ik tegen ben gekomen in Nederlandstalige patronen. Voor afkortingen en haaksteken in andere talen heb ik een aparte lijst gemaakt.

Deze lijst staat op alfabetische volgorde.

AfkortingHaaksteekInstructies
clscluster
ddstdriedubbel stokje
dstdubbel stokje
dvdubbele vasteHaak 2 v in 1 steek
GKgoede kant
hsthalf stokje
hvhalve vaste
llosse
mindminderen
mrmagische ring
mrdmeerderen
ovoverslaan
rel.streliëf stokje
rstareliëf stokje achterlangs
rstvreliëf stokje voorlangs
shsamen haken
ststokje
t1toer 1
vvasteklik hier
VKverkeerde kant
vlgvolgende
VRSTKVverlengd reliëfstokjes voor
vvverlengde vaste

Let op: deze lijst is nog in ontwikkeling.

Haaksteken: een overzicht van haaksteken

Haaksteken vormen samen een haakwerk. Een haakwerkje bestaat uit verschillende haaksteken. Dit kunnen er twee zijn of dit kunnen er vele meer zijn. Hieronder vindt je een overzicht van de verschillende basissteken.

Haaksteken

Haaksteken zijn grofweg te verdelen in drie groepen:

  • de opzet steken (waarmee je een project begint),
  • de haaksteken en
  • de veelgebruikte technieken.

Hieronder worden deze groepen verder verdeeld in veel voorkomende steken.

Beginnen met haken

Ieder haakwerk heeft een begin: de opzet. Dit kan in het haken met verschillende technieken. De meest gebruikte manieren zijn de opzetlus gevolgd door lossen of de magische lus.

  • Opzetlus
  • Magische lus

Haaksteken

Na het opzetten van het haakwerk wordt er verder gehaakt met behulp van een of meerdere steken. De onderstaande steken zijn de basissteken in het haakwerk. Door de steken te combineren ontstaan veel verschillende patronen.

  • Losse
  • Vaste
  • Halve vaste
  • Stokje
  • Half stokje
  • Dubbel stokje
  • Driedubbel stokje

Veel gebruikte technieken

In haakwerk worden ook verschillende technieken gebruikt om het haakwerk vorm te geven. Hieronder een overzicht van de meest gebruikte technieken.

  • Minderen
  • Meerderen
  • voorste lus
  • achterste lus
  • afhechten

Linkshandig haken

Ik ben linkshandig en heb mijzelf linkshandig leren haken met behulp van youtube, boeken en mijn moeder . De uitleg en beschrijving van de haaksteken is voor zowel links- als rechtshandig haken van toepassing. De voorbeelden van de haaksteken zijn echter linkshandig.

Gefilmde voorbeelden

Kijk je liever naar hoe een haaksteek wordt gedaan dan dat je erover leest? Op mijn youtubekanaal worden verschillende haaksteken voorgaan. Hierbij wordt linkshandig gehaakt. Intresse? Neem dan snel een kijkje: studiebolletjes.

Vaste steek

Linkshandig haken

Ik ben linkshandig. Dit betekent dat ik linkshandig haak. Toen ik begon met haken was er weinig informatie te vinden. Inmiddels is het aanbod gegroeid, maar het zaadje was al gepland. Enige tijd geleden heb ik mijn eerste opname van linkshandig haken gepubliceerd. Hierin staat de vaste steek centraal.

Lees verder
Nieuwere berichten »

© 2020 Studiebolletjes

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑