Een paasei hoort erbij – haakpatroon

Fijne Pasen allemaal!

Hier in het dorp was er een oproep om de beren te vervangen door paaseieren. Dus wat doe je dan als haakster? Je haakt op het laatste moment een ei. Maar wat als er geen patroon is te vinden voor wat je in het hoofd hebt? Dan schrijf je zelf een patroon!

Materialen

  • Katoen
  • Bijbehorende haaknaald
  • stopnaald

Het patroon

In dit patroon wordt in heen en weer gaande toeren gehaakt. Iedere toer wordt beëindigd met een keerlosse. Hierna wordt het werk omgekeerd.

Begin met 9 lossen. De laatste lossen telt als keerlosse.

  1. Haak 8 vasten
  2. 2 vasten meerderen, 6 vasten, 2 vasten meerderen (=10 vasten)
  3. 2 vasten meerderen, 8 vasten, 2 vasten meerderen (=12 vasten)
  4. 2 vasten meerderen, 10 vasten, 2 vasten meerderen (=14 vasten)
  5. vaste in iedere steek (=14 vasten)
  6. 2 vasten meerderen, 12 vasten, 2 vasten meerderen (=16 vasten)
  7. vaste in iedere steek (=16 vasten)
  8. 2 vasten meerderen, 14 vasten, 2 vasten meerderen (=18 vasten)
  9. 2 vasten meerderen, 16 vasten, 2 vasten meerderen (=20 vasten)
  10. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  11. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  12. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  13. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  14. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  15. vaste in iedere steek (=20 vasten)
  16. 2 vasten minderen, 16 vasten, 2 vasten minderen (=18 vasten)
  17. vaste in iedere steek (=18 vasten)
  18. vaste in iedere steek (=18 vasten)
  19. 2 vasten minderen, 14 vasten, 2 vasten minderen (=16 vasten)
  20. vaste in iedere steek (=16 vasten)
  21. vaste in iedere steek (=16 vasten)
  22. 2 vasten minderen, 12 vasten, 2 vasten minderen (=14 vasten)
  23. vaste in iedere steek (=14 vasten)
  24. 2 vasten minderen, 8 vasten, 2 vasten minderen (=12 vasten)
  25. vaste in iedere steek (=12 vasten)
  26. 2 vasten minderen, 8 vasten, 2 vasten minderen (=10 vasten)
  27. vaste in iedere steek (=10 vasten)
  28. 2 vasten minderen, 6 vasten, 2 vasten minderen (=8 vasten)
  29. 2 vasten minderen, 4 vasten, 2 vasten minderen (=6 vasten)
  30. 2 vasten minderen, 2 vasten, 2 vasten minderen (=4 vasten)

Haak een toer vasten rondom het ei voor een enkele ei.

Voor een dubbel ei haak je het patroon twee keer. Het eerste ei hecht je af na toer 30. Het tweede ei hecht je niet af, maar leg je op het eerste ei. Vervolgens haak je een rand vasten door beide lagen. Vul het ei op terwijl je de lagen aan elkaar haakt.

Let er goed op dat de vormen goed op elkaar liggen!

Veel haak plezier

Laat je weten wat je van dit patroon vindt? En mocht je het willen delen, vergeet dan niet om mij als ontwerpster te noemen. Alvast bedankt.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: